Het tegenovergestelde van een mens.jpg

Maak kennis met een postmoderne roman: Het tegenovergestelde van een mens

12 minutes to read
Article
Amber van As
14/11/2018

Het postmodernisme is een stroming die zich in de loop van de twintigste eeuw heeft ontwikkeld in verschillende disciplines. Vooral in de beeldende kunst en architectuur kreeg de stroming veel bekendheid, maar ook binnen de literatuur werd het postmodernisme belangrijk.

Tegenwoordig wordt er echter door Alan Kirby (2006) gesproken over “de dood van het postmodernisme”. De stroming zou niet langer bestaan. De nieuwe roman van Lieke Marsman genaamd Het tegenovergestelde van een mens (2017) laat echter zien dat het postmodernisme nog lang niet dood is; met dit essay wil ik laten zien dat het postmodernisme in haar roman nog springlevend is.

 Daarnaast zal de focus liggen op de relevantie en het belang van het postmodernisme voor de mens en de samenleving. Onze moderne samenleving brengt diversiteit met zich mee en naar mijn mening gaat dit ook gepaard met een dosis uniformiteit. Het postmodernisme heeft de kracht om deze uniformiteit en structuur te doorbreken, alternatieven te bieden en moet daarom zeker nog niet als dood worden omschreven.

Postmodernisme in literatuur

De focus van dit essay ligt op het postmodernisme in de Nederlandse literatuur, met name in de roman van Lieke Marsman. Om een duidelijk beeld te krijgen van deze stroming, zal ik eerst kort een geschiedenis van het postmodernisme schetsen. Vervolgens komt aantal belangrijke kenmerken van postmoderne literatuur aan de orde.

De term postmodernisme werd door de Franse filosoof Jean-François Lyotard in 1979 in Europa geïntroduceerd en in het begin van de jaren tachtig voor het eerst binnen de Nederlandse literatuur gebruikt (Musschoot, 1991). De oorsprong van de term kan echter vlak na het einde van de Tweede Wereldoorlog gesitueerd worden. Het postmodernisme is:

Een bepaalde wereldbeschouwing die te maken heeft met het na WO II ontstane en diepgewortelde wantrouwen met betrekking tot de grote ordenende ‘verhalen’ zoals die zich in religie, politiek, wetenschap en kunst hadden gemanifesteerd. De radicale ontologische en epistemologische twijfel aan de zichzelf legitimerende systemen, die gebaseerd zijn op het principe van de eenduidige betekenis vormt de grondslag van het postmodernisme." (van Bork et al, 2012).

Met andere woorden: het postmodernisme hecht geen waarde aan grote systemen van betekenisgeving, maar richt zich juist op een veelheid van betekenis(sen). Anything goes. De stroming ontwikkelde zich razendsnel als een fase na het modernisme, met als kernwoord twijfel. Het postmodernisme impliceert geen breuk met het modernisme, een van de dominante kunststromingen tot het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog, maar kan eerder beschouwd worden als een verdere uitwerking hiervan (van Bork et al, 2012). Binnen de literatuur ontstond er een duidelijkere scheiding tussen vooroorlogse en naoorlogse werken. De vooroorlogse literatuur was traditioneel en statisch, de naoorlogse letterkunde begon te experimenteren en vernieuwen (Musschoot, 2005).

Postmodernistische kenmerken

In de literatuur had dit tot gevolg dat “de taal als instrument van ordening en weergave van de werkelijkheid wordt gewantrouwd” (van Bork, et al, 2012). Postmodernisten stellen dat de werkelijkheid onbereikbaar en onbeschrijfbaar is. Kenmerkend voor postmoderne literatuur is dat traditionele genre-indelingen omver worden geworpen of juist door elkaar worden gebruikt. Schrijvers spelen met genres die een vaste vormgeving hebben en verschillende tekstsoorten kunnen naast elkaar geplaatst worden. In postmoderne teksten of romans is geen sprake meer van hiërarchie; alles kan met elkaar gecombineerd worden: hoge en lage cultuur, oude en nieuwe genres. (van Bork et al, 2012). Vaak probeert een postmoderne schrijver om niet-literaire genres en gecanoniseerde literaire genres en werken te combineren. In een postmoderne roman worden het marginale en het centrale gecombineerd en versmolten (Vervaeck,: 1999)

In het postmodernisme worden verschillende genres en tekstsoorten met elkaar gecombineerd

Daarnaast gebruikt de schrijver bestaande bronnen of teksten in zijn tekst. Dit hoort bij een ander belangrijk concept binnen het postmodernisme, namelijk intertekstualiteit. Binnen een tekst wordt er verwezen naar andere gesproken of geschreven (literaire) teksten, aan de hand van citaten bijvoorbeeld. (van Bork et al, 2012). Zo is een postmoderne tekst dus altijd opgebouwd uit verschillende elementen van buitenaf en wordt hij als het ware een meerstemmige compositie. Zoals Vervaeck (1999) omschrijft:

"De intertekstualiteit is de sluitsteen van het postmoderne universum, niet omdat ze van dat universum een sluitende en afgesloten wereld zou maken, maar omdat ze zowel op formeel als inhoudelijk vlak zorgt voor de samenhang, de openheid en de eindeloze doorverwijzing die zo belangrijk zijn in de postmoderne roman. De term ‘tekst’ moet zo ruim mogelijk geïnterpreteerd worden, namelijk als gecodeerd systeem van tekens, zodat alle fictionele vormen (dus ook schilderijen, muziek en beeldhouwwerken) onder de definitie vallen." (p.172)

Een ander belangrijk kenmerk is dat postmoderne verhalen of romans zelden compleet lineair worden verteld. Er is haast geen sprake meer van een chronologisch verhaal met een duidelijk begin en eind. Verhalen springen terug in de tijd in de vorm van flashbacks of herinneringen. (Literatuurgeschiedenis, n.d.). Belangrijke kenmerken van de postmoderne chroniek zijn dan ook “de ondermijning van de regels waaraan de klassieke historische roman en vertelling gehoorzamen” (Vervaeck, 1999: p.155) en “de ondergang van de primaire verhaallijn” (Vervaeck, 1999: p.158). Bovendien vraagt postmoderne literatuur om veel inspanning van de lezer: “Wie een postmoderne roman leest, moet zelf meewerken om van de tekst een zinvol en samenhangend geheel te maken. Hij moet zijn hersenen pijnigen om de roman tot een goed eind te brengen”. (Vervaeck, 2001).

Postmodernisme in Het tegenovergestelde van een mens

Nu al deze literaire, postmodernistische, kenmerken de revue zijn gepasseerd, kunnen ze toegepast worden op de roman van Lieke Marsman. Daarin zijn namelijk duidelijk postmodernistische kenmerken te herkennen, die hier een voor een zullen worden besproken. Dit zal ik doen op twee niveaus: de analyse en interpretatie van de roman enerzijds en uitspraken van de auteur anderzijds.

Het ontdekken van het postmodernisme kan voor de lezer het een en ander verhelderen, zowel voor, tijdens en na het leesproces. Het boek biedt een nieuw perspectief op van proza en poëzie en laat zien dat het postmodernisme nog springlevend is. De roman gaat in tegen structuur en kan beschouwd worden als een reflectie van het leven van de mens, inclusief alles wat daarbij komt kijken.. 

Tekstsoorten

Ten eerste verwerpt Lieke Marsman de traditionele genre-indelingen en gebruikt ze verschillende tekstsoorten in haar roman. Binnen het boek wordt het een en ander met elkaar gecombineerd: van proza tot poëzie, van essay-achtige uitweidingen tot filosofische beschouwingen. Vooral de combinatie van proza en poëzie is belangrijk en opvallend; in haar 172 pagina’s tellende roman komen maar liefst negen gedichten voor. In een podcast van Vrij Nederland (2017) geeft Lieke Marsman aan het gek te vinden dat er niet vaker gedichten in een roman zitten. Als schrijver heb je namelijk een heel boek tot je beschikking, met zoveel pagina’s als je maar wilt. Ze legt uit dat ze veel gefragmenteerder werkt, als een impressionist met verschillende kleine stukjes. In deze podcast vertelt ze ook “hoe het schrijven van een roman en het schrijven van gedichten die in die roman terecht moeten komen zich tot elkaar verhouden:

Ze heeft de gedichten en het plot heel zorgvuldig aan elkaar gekneed, door beelden uit de roman in het gedicht te stoppen op plaatsen waar ze zonder die roman misschien net een ander beeld gekozen zou hebben, en door beelden uit het gedicht met terugwerkende kracht in de roman voorbij te laten komen. Desondanks lenen sommige gedichten uit de roman zich er best voor om op zichzelf staand voorgedragen te worden.” (Doesborgh, 2017).

De samensmelting van proza en poëzie is een belangrijk aspect in de roman van Lieke Marsman

Voordat ze begon aan het schrijven van haar roman, wist ze dat ze een roman wilde waar ook poëzie in zit. Als ze aan haar gedichten aan het werken was, had ze steeds in haar achterhoofd dat dit in haar roman terecht moest komen. Zoals in het citaat beschreven staat, schreef ze soms naar het verhaal toe, maar ook omgekeerd: beelden die zich aandienden in een gedicht zijn in het verhaal gestopt. Hierdoor heeft ze meer cohesie weten te scheppen tussen poëzie en proza (Vrij Nederland, 2017). De gedichten in haar roman hebben dus meestal wel een link met het verhaal. Tegenover deze uitspraken van Lieke Marsman staat het niveau van de analyse van de roman, waaruit voorbeelden kunnen worden gegeven. Een voorbeeld van een gedicht dat een connectie met het verhaal bevat is ‘Het verschil’ (p. 43), wat slaat op het feit dat de hoofdpersoon (Ida) en haar geliefde misschien toch te veel verschillen. Ook het gedicht ‘sneeuw’ (p. 99) kan gekoppeld worden aan het verhaal, omdat het volgt na een gesprek over sneeuw (Marsman, 2017).

Vertelling en verhaallijn

Door deze genres met elkaar te mengen verwerpt Lieke Marsman een klassieke indeling van de roman. Ze werpt hiermee echter ook de notie van een lineaire vertelling omver. Het verhaal is niet chronologisch; het fabel en sujet zijn compleet verschillend. De lezer is voor een groot deel aangewezen op flashbacks, om meer te weten te komen over de hoofdpersoon. Tussen het verhaal door, wat zich voornamelijk afspeelt in de genummerde hoofdstukken, bevinden zich tussenstukken met titels die het verhaal doorbreken. Deze tussenstukken nemen de vorm aan van een gedicht, essay of beschouwing die geen deel uit lijken te maken van het verhaal. Volgens Lieke Marsman gaan de essay-achtige stukken juist over het leven en dan zit je dus even niet in het verhaal (Vrij Nederland, 2017).

Een voorbeeld van een essay dat optreedt buiten het verhaal is “Uit de kust” (p. 51), waarin de hoofdpersoon praat over haar seksuele geaardheid, waar ze zich af en toe nog voor schaamt. Dit essay volgt na een gesprek tussen de hoofdpersoon en haar therapeut over hetzelfde onderwerp. Het stuk behandelt thema’s als heteronormativiteit, kapitalisme en identiteit. De hoofpersoon heeft moeite met het uiten van haar lesbische identiteit in een volgens haar heteroseksuele samenleving waarin homoseksualiteit een opgelegde identiteit is (van Lier, 2017). Dit betoog bevat een kritisch commentaar op de samenleving, wat geen deel uit maakt van het verhaal, maar daar wel op slaat vanwege een opmerking van de therapeut. Hierdoor voegt Marsman een verdieping toe aan haar roman, waarin ze in gaat op het leven en bijbehorende kwesties.

De literaire vertelling en de primaire verhaallijn worden door Lieke Marsman omver geworpen

Dit kenmerk is ook omschreven door Vervaeck (1999) en heeft te maken met de ondergang van de primaire verhaallijn (p.158). Een techniek die volgens Vervaeck vaker wordt gebruikt in de postmoderne roman is dat “afzonderlijke fragmenten zich onttrekken aan de verhaallijn, ze zijn onmogelijk te dateren en verbreken de continuïteit. Er is geen hoofdlijn meer, er zijn alleen breuken.” (p. 158). Dit treedt ook op in Marsmans roman, waarin veel afzonderlijke fragmenten voorkomen die los lijken te staan van de verhaallijn, maar die toch nog enigszins verbonden blijven met het geheel. Om deze puzzelstukken vervolgens in elkaar te passen is een actieve rol van de lezer vereist (Vervaeck, 1999). Het niet-lineaire karakter van het verhaal en de poëtische en essayistische uitweidingen dragen hiertoe verder aan bij. De roman geeft dan ook stof tot nadenken over de verhouding tussen het verhaal en de overige hoofdstukken en de wijze waarop alles als een puzzel in elkaar valt. Lieke Marsman schotelt haar roman niet als een kant-en-klaar gerecht aan haar lezers voor.

Intertekstualiteit

Een ander belangrijk postmodern kenmerk dat terug te zien is in deze roman is intertekstualiteit. Er vinden vaak verwijzingen plaats naar andere auteurs of (literaire) teksten, wat dan ook te zien is aan de bronnenlijst aan het einde van het boek. Een terugkerende bron is Naomi Klein met haar boek This Changes Everything, waarvan veel citaten die betrekking hebben op klimaatverandering in het boek geplaatst zijn. Bovendien wordt er in de roman onder andere verwezen naar de Bijbel, filosofen als Aristoteles, Descartes en Kant, de astronoom Copernicus, de muzikant Joni Mitchell en de schrijver Alan Weisman. Het intertekstuele karakter van de roman is vooral zichtbaar in de essayistische tussenstukken, zoals in ‘Een wandeling’ (p.122). In dit korte essay van vijf pagina’s maakt de hoofdpersoon een wandeling in de natuur en denkt aan een geslaagde dag. Hierin wordt verwezen naar een essay van Peter Handke genaamd ‘Essay over de geslaagde dag’, maar het stuk bevat ook een door Lieke Marsman vertaald gedicht van Robert Creeley, wat volgens haar ook over een geslaagde dag gaat (Vrij Nederland, 2017).

Door deze intertekstualiteit wordt de roman een meerstemmige compositie waarin vele bronnen verwerkt zijn. Volgens Van Dijk (2017) is de roman dan ook “eerder een gefragmenteerde verzameling teksten dan een eenduidig prozaverhaal”, een gevaar wat intertekstualiteit met zich mee kan brengen.

De relevantie van het postmodernisme

Al met al kan Het tegenovergestelde van een mens beschouwd worden als een postmodern kunstwerk. Dit komt naar voren in de verschillende tekstsoorten die samen worden gebruikt, de niet-lineaire vertelling, de gefragmenteerde verhaallijn en de intertekstualiteit. Maar wat betekent het postmodernisme in Marsman’s roman in bredere zin?

Als 21e eeuwse schrijver blaast Marsman een 20e eeuwse stroming weer nieuw leven in. Hoewel er door Alan Kirby (2006) wordt gesproken over de dood van het postmodernisme, maakt Lieke Marsman met haar roman duidelijk dat het postmodernisme nog lang niet begraven is. De stroming kan namelijk nog steeds als relevant worden gezien, omdat ze twijfelt aan de waarheid en zoekt naar alternatieven. Ze biedt een tegenwicht tegen traditionele opvattingen en structuren. Diversiteit en pluralisme zijn al belangrijke kernwoorden in onze huidige samenleving; er wordt ruimte geboden aan vele levensstijlen en opvattingen. Toch is er in mijn optiek ook nog sprake van een gevoel van uniformiteit of homogeniteit onder ons. We hebben nu eenmaal van nature de gewoonte om mensen in hokjes te stoppen (Engels, 2014), en zo homogene categorieën in ons hoofd te creëren. Deze homogeniteit wordt ook beschreven in Het tegenovergestelde van een mens, voornamelijk in het tussenstuk over heteronormativiteit, waarbij een andere identiteit als afwijkend wordt beschouwd. Een ander voorbeeld betreft sociale media, die vaak een ideaalbeeld creëren (ANP, 2009) of beweren een waarheid te presenteren. Er zijn op digitale platformen diverse ‘influencers’ actief die hun publiek een schoonheidsideaal opleggen en hen (indirect) aansturen om dit te bewerkstelligen. Mensen zijn geneigd om dit soort trends te volgen want ‘ze willen erbij horen’ (Brucculieri, 2018).

Dit zijn enkele voorbeelden om dit streven naar homogeniteit te illustreren. Het postmodernisme gaat hier tegenin en stelt juist dat we een vastgestelde waarheid moeten wantrouwen en los moeten breken van structuur en afgebakende hokjes. Iedereen heeft zo zijn of haar eigen werkelijkheid en levensstijl waarnaar geleefd moet kunnen worden. Diversiteit en pluraliteit worden juist gestimuleerd door een stroming als het postmodernisme, wat mijn analyse van Het tegenovergestelde van een mens, dan ook naar voren laat komen. Dit is een roman waarin nog genoeg diversiteit te ontdekken is. Tegenwoordig kan alles, zelfs in een roman. Laten we dit ook weerspiegelen in het dagelijks leven en het postmodernisme weer nieuw leven in blazen, net zoals Lieke Marsman doet.

 

Bronnen

ANP. (2009, 26 mei). ‘Zelfbeeld tieners beïnvloed door media’. De Volkskrant.

Brucculieri, J. (2018, 3 september). ‘Instagram Influencers Are All Starting To Look The Same. Here’s Why.’ The Huffington Post.

Doesborgh, D. (2017, 23 oktober). “Poëziepodcast 12: hoe Lieke Marsman een romanplot en gedichten aan elkaar kneedt”. Vrij Nederland.

Engels, J. (2014, 3 juli). ‘Hokjesdenken is praktisch en we doen het allemaal’. Trouw.

Kirby, A. (2006). “The Death of Postmodernism and Beyond”. Philosophy Now.

Literatuurgeschiedenis.nl (n.d.). "Terug naar de wereld: proza 1990-2009". Literatuurgeschiedenis.nl

Marsman, L. (2017). Het tegenovergestelde van een mens. Atlas Contact. Amsterdam/Antwerpen.

Musschoot, A.M. (1991). ‘Postmodernisme in de Nederlandse letterkunde’. Digitale Bibliotheek voor Nederlandse Letteren.

van Bork, G.J., Delabastita, D., van Gorp, H., Verkruijsse, P.J. & Vis, G.J. (2012-…). Algemeen Letterkundig Lexicon – postmodernisme. Digitale Bibliotheek voor Nederlandse Letteren.

van Bork, G.J., Delabastita, D., van Gorp, H., Verkruijsse, P.J. & Vis, G.J. (2012-…). Algemeen Letterkundig Lexicon – intertekstualiteit. Digitale Bibliotheek voor Nederlandse Letteren.

van Dijk, A. (2017, 2 juni). “Gelijkwaardigheid boven alles. Recensie: Lieke Marsman – Het tegenovergestelde van een mens.” 8weekly.

van Lier, T. (2017, 26 september). “Speelse ideeënroman met ongewone kijk op de klimaatverandering”. Literair Nederland.

Vervaeck, B. (2001). ‘Essay en vertelling in postmoderne tijden’. Digitale Bibliotheek voor Nederlandse Letteren.

Vervaeck, B. (1999). Het postmodernisme in de Nederlandse en Vlaamse roman. VUBPress & Uitgeverij Vantilt. Brussel & Nijmegen. 

Vrij Nederland (2017, 23 oktober) De Poëziepodcast – aflevering 12: Lieke Marsman. Vrij Nederland.