Campus van William & Mary, Williamsburg

Politiek op de campus

De invloed van de Amerikaanse verkiezingen op het leven van Amerikaanse studenten

3 minutes to read
Article
Suzanne van der Beek
23/01/2017

“I have seen what is happening to our country and to our campus and it makes me feel helpless. I want to know what I can do to reach out to people who are now living in fear. How can I help?”

Aan het woord is een van de studenten van William & Mary, een universiteit in Williamsbrug, Virginia, waar ik voor een aantal maanden werkzaam ben als visiting scholar. Haar opmerking wordt beantwoord met applaus van de ongeveer tweehonderd studenten, docenten en universiteitsmedewerkers die zijn samengekomen in de Tucker Hall op de historische campus. In de aankondiging van de bijeenkomst stond:

“Join fellow students and faculty in a time to reflect on the election results, ask questions, express concerns, and brainstorm about improving our campus climate in light of acts of harassment and intimidation at W&M and on campuses around the country.”

De bijeenkomst is een van de velen die afgelopen weken georganiseerd is op de universiteit om iedereen de kans te geven te reflecteren op de uitkomst van de verkiezingen. In plaats van een verhitte discussie over politieke abstracties, heerst er op de campus de behoefte om te spreken over heel concrete zorgen: internationale studenten die vrezen voor uitzetting van familieleden, een toename in mishandelingen en dreigementen van minority students, en de groeiende angst van vrouwelijke studenten om in het donker over de campus te lopen. Voor deze studenten heeft de uitkomst van de verkiezingen een heel directe invloed op hun dagelijks leven.

 

Een Nederlander in Virginia

Amerikaanse politiek, tot voor een paar weken geleden geen onderwerp dat mijn specifieke aandacht genoot, is in korte tijd een groot deel van mijn leven geworden. De verkiezingen heb ik uiteraard  gevolgd, maar zoals veel Nederlanders dat hebben gedaan: met een soort perverse fascinatie voor de verschrikkingen die met regelmaat uit de mond rolden van de huidige president-elect, in het volle vertrouwen dat we spoedig onze eerste vrouwelijke leader of the free world konden vieren.

De eerste keer dat ik schaamte voelde over deze sensationele interesse in de verkiezingen was op de avond van de verkiezingen. Ik zat in een campuscafé met een groepje Amerikanen, toevallig allemaal zwart. Terwijl de resultaten binnenstroomden via de vele televisieschermen, vertelden zij me over de manier waarop de campagne die het afgelopen jaar gevoerd is hun levens al had veranderd: hoe ze op hun werk steeds meer te maken kregen met klanten die niet door hen geholpen willen worden, hoe ze merkten dat mensen steeds vaker oversteken om hen niet te hoeven passeren. Hoe meer uitslagen uit de verschillende staten werden aangekondigd, hoe stiller het café werd.

Het volgende moment van schaamte liet niet snel op zich wachten. De volgende dag, als de uitkomst vaststaat, spreek ik onder meer een studente die zichzelf beschrijft als harassment survivor. Een term waar mijn Nederlandse inborst zich tegen wil verzetten, waardoor haar verhaal extra hard aankomt: ze vertelt dat de verkiezing van Trump haar vermoeden bevestigd heeft dat een meerderheid van haar landgenoten vind dat zij zich niet aan moet stellen.

 

Een dosis gezond, Amerikaans wantrouwen

De afgelopen week heb ik stamelend antwoord gegeven wanneer Amerikanen me vragen wat er in Nederland over de verkiezingen wordt gerapporteerd: ‘Eigenlijk lijkt mijn land het zich niet bijzonder aan te trekken. De media berichten voornamelijk dat onze politici ervan overtuigd zijn dat het allemaal wel mee zal vallen.’ Op dat moment gaan steevast de werkbrauwen van mijn Amerikaanse gesprekspartner omhoog en ik probeer me eruit te redden met een zenuwachtig: ‘Misschien is dat wel heel Nederlands – lekker nuchter haha!’

Williamsburg is een plek die de Amerikaanse geschiedenis viert. Het maakt deel uit van de zogenaamde historic triangle: zo’n vierhonderd jaar geleden kwamen hier vlakbij de eerste kolonisten aan, werd hier een van eerste koloniale posten gebouwd en werd een belangrijkse slag in de onafhankelijkheidsoorlog gewonnen. Een groot deel van de huidige stad bestaat uit een openluchtmuseum waarin bezoekers leren over deze periode in de Amerikaanse geschiedenis. Ook de verheerlijking van deze geschiedenis (het museum bij het nabijgelegen historisch slagveld heet ‘Victory Center’!) was een bron van vermaak voor mij. Maar het wordt me steeds duidelijker dat het wantrouwen van Amerikanen tegenover hun overheid, hun beroemde zucht naar freedom, waar ik altijd een beetje over heb gegniffeld, juist een houding is die momenteeel erg van pas komt.

Over de gehele campus van William & Mary wordt informatie verspreid over mogelijkheden om Trumps agenda te bestrijden, studenten komen samen om minority students te beschermen en docenten ruimen tijd in binnen hun curricula om de huidige situatie te contextualiseren en mogelijke weerstand ertegen te schetsen. En zo komt een beroemde anekdote over Benjamin Franklin tot leven:

                                                                      

Benjamin Franklin

Het is makkelijk om dergelijke anecdotes af te doen als sentimenteel en patriottisch, maar het geeft de campus de inspiratie om zich te mobiliseren, en daar kunnen we in Nederland misschien wat van leren.